WOK DIE RIJSTNOODLES

1

Ik ben er niet klaar voor. Ik ben niet klaar voor de dagen waar de Celciusmeter niet boven de 10 graden komt. Ik ben niet klaar voor koude handen en voeten. Ik ben niet klaar voor het afscheid van m’n crop-tops en korte rokjes. Ik ben niet klaar voor natte kleding en uitgelopen mascara. Ik ben niet klaar voor rode, koude neusjes. En ik ben niet klaar voor het NS drama dat komt met slecht weer.
Ik zou zo graag nog een keer de zon op m’n huid willen voelen branden. Nog even een keer op blote voeten naar buiten lopen. Nog één keer klagen omdat ik de hitte echt niet meer aankan. Nog een keer me helemaal kapot zweten zonder ook maar iets te doen. Nog een keer pareren in m’n lievelingsjurkje. En nog een keer een halve meloen uitlepelen.

Ja, ik heb heimwee. Heimwee naar het mooie weer en de vrolijkheid die het met zich meebrengt. Ik ben niet klaar voor deze tijd van het jaar waarin 80% van de samenleving lijdt aan winterdepressies. Waarin we elkaar in de donkere vroege uurtjes het liefst geheel negeren om conversaties, die niet verder gaan dan “Wat een slecht weer is het hè”, uit de weg te gaan. En waarin we met een chagrijnige bakkes door het leven gaan omdat het weer zo deprimerend is.
Ja, het is zwaar. Het is die zware tijd van het jaar waarin we weer gaan aftellen hoelang het nog duurt voor het weer mooi weer wordt. Aangezien dat nog 214 dagen zal duren heb ik geprobeerd om comfort en troost te vinden in m’n voedsel.

En dat lukt. Dit gerecht doet me weer even verbeelden dat ik in een schattig Thais cafeetje zit, waar ik zojuist m’n bestelling bij een veel te vriendelijke ober heb gedaan. Ik kijk afwachtend voor me uit met een tevreden blik. Ik geniet van de laatste uurtjes zon en aanschouw hoe het Thaise dagelijkse leven aan me voorbij komt. Na m’n buikje rond te hebben gegeten, neem ik nog even de tijd om bij te komen van de spicyness die me nog meer laat zweten. Eenmaal opgestaan voel ik hoe plakkerig m’n rug en benen zijn. Ik besluit nog even droog te lopen en te genieten van de avonduurtjes in m’n lievelingsjurkje.

2

Ingrediënten
– 100 gram rijstnoodles
– Stukje gember iets groter dan een dobbelsteen
– 1 à 2 rode pepers. Licht eraan of je van pittig houdt
– 2 teentjes knoflook
– Stukje tamaripulp ter grootte van een dobbelsteen
– 2 à 3 eetlepels sojasaus
– 1 à 2 eetlepels suiker of andere zoetstof
– 1/2 komkommer
– 4 à 5 champignons (ik gebruikte kastanje champignons)
– 1 wortel
– 2 stengels lente ui
– 2 grote handen spinazie of paksoi
– 1/4 limoen
– 1 1/2 eetlepel geroosterde sesamzaad

Maak de rijstnoodles klaar volgens de verpakking. Snij de champignons in plakjes, de lente ui in ringetjes, de komkommer en wortel in staafjes en snij de gember, rode peper en knoflook fijn. Doe de champignons in een wokpan en bak deze voor. Wanneer deze een beetje zacht zijn, voeg dan de gember, rode peper, knoflook, komkommer, wortel en lente ui toe. Roer dit even goed door en voeg daarna de tamarinde pasta, de soja saus en de suiker toe. Wok dit op een hoog vuur en blijf roeren.
Giet de rijstnoodles af en doe de spinazie daarbij. Voeg dit vervolgens bij de groentes en roer alles goed door. Wanneer de spinazie/paksoi is geslonken is het klaar. Doe alles in je meest Aziatische kom. Besprenkel het geheel met wat geroosterde sesamzaadjes en limoensap. Pak je eetstokjes achteruit de bestek la en slurp de rijstnoodles naar binnen.

3

  1 comment for “WOK DIE RIJSTNOODLES

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *